
Welkom, Aanmelden
Woninginbraken opnieuw hot
Na een dalende trend bij woninginbraken van 2000-2005 werd er sinds vorig jaar terug een stijging vastgesteld.
Ons land telde vorig jaar 67 550 woninginbraken, een stijging met maar liefst dertien
procent tegenover het jaar voordien. Dit totale aantal op één jaar in België betekent omgerekend dat elk huis in ons land 1,24 procent kans maakt op een inbraak.
Brussel kent in ons land het grootst aantal woninginbraken per duizend inwoners, gevolgd door Charleroi, Namen, Luik en Nijvel. Antwerpenstaat op de zevende plaats.
In maart 2007 bracht de federale politie in een strategisch rapport de oorzaken in kaart.
Hiertoe werd een profiel opgesteld van inbrekers die in de gevangenis zitten.
Een eerste opvallende groep, volgens dit rapport, zijn de jongeren die in grote steden opereren.
De tweede groep zijn de rondtrekkende daders uit de Oostbloklanden die actief zijn op het hele grondgebied.
De derde groep, die volgens de federale politie helemaal nieuw zijn, zijn de Oost-Europese bendes die zich daadwerkelijk vestigen in onze steden en vast opereren vanuit ons land.
Een recent verzekeringsrapport over de modi operandi heeft kennis over enkele interessante elementen opgeleverd. 64% van de inbraken vindt plaats overdag.
Eerder in de late namiddag of in de vroege avond dan ’s nachts.
In 68% van de gevallen gebeurt de inbraak op een weekdag.
Daders maken vaak gebruik van lange afwezigheden van bewoners.
Geef dus steeds de indruk dat uw huis bewoond is.
In de grote steden zijn vooral appartementen kwetsbaar, mogelijk omdat er minder sociale controle is. November, december en januari zijn bij uitstek de maanden waarin woninginbraken meer voorkomen.
Het donkeren van de dagen creëert immers de ideale omstandigheden voor inbrekers.
Dat de gelegenheid de inbreker maakt, bevestigt ook een net gepubliceerd kwalitatief onderzoek van Verwee, Ponsaers en Enhus (“Inbreken is mijn vak: textuur en praktijk van oninginbraak”).
Zij gingen praten met 56 inbrekers in vier gevangenissen (Gent, Oudenaarde, Doornik en Lantin) en vroegen hen naar hun opvattingen.
Zo’n onderzoek is heel uitzonderlijk en leverde dus ook interessante informatie op.
Zo blijkt dat 45% van de inbrekers in dit onderzoek de inbraken wijt aan hun verleden:
ze hadden geen job, ze werden na een celstraf op straat gezet zonder geld, hun relatie was stuk gelopen, ... 49% breekt in de eigen buurt in omdat ze die het beste kennen, omdat ze weten waar de politie zit en wat de vluchtwegen zijn.
Een alarm schrikt 47% af, net als glurende buren en meerpuntsloten:
het duurt te lang om ze allemaal open te doen.
Daarnaast zegt de meerderheid van de inbrekers
via de achterdeur binnen te komen, maar bijna 30% zegt dat hij al via openstaande deuren en venster binnenraakte.
Opnieuw blijkt dat bewoners zelf een groot aandeel kunnen hebben in het voorkomen
van inbraken.
Niet alleen oplettendheid, maar ook beveiligingsmaatregelen kunnen inbrekers een halt toeroepen dus.
De overheid hanteert nog altijd een belastingsvermindering voor een investering in het beveiligen van de woning (eigen woning of gehuurd) tegen inbraak.
Men kan 50% van de uitgaven inbrengen in de belastingen, met een maximumbedrag van 730 euro.
Op deze manier wil de overheid de burgers stimuleren en helpen in de strijd tegen woninginbraken. Meer info hierover op
Fiscale aftrek bij installatie inbraakbeveiliging door vakman